Geef mijn kinderen lucht om te leven, vrijheid om te spelen en de koppigheid om nee te zeggen tegen al deze waanzin

Waarom ik met mijn gezin gevlucht ben 
uit Nederland

 

Ik zit in het gras, de kopjes van honderden gele bloempjes bewegen mee met de wind. Het geluid van kleine lichte vogeltjes, die ik niet zie, maar die overal om mij heen lijken te zijn, bereikt mijn oren. Diep adem ik in. En hoorbaar adem ik met een zucht uit.

Op reis? Of op de vlucht?

Zou het zo geweest zijn, lang, lang geleden toen we nog nomadisch leefden? De stilte, het ontbreken van stadse geluiden en de drukte van groepen die nu al lang niet meer beperkt zijn tot een aantal dozijn? Onrustig voel ik me, alsof de trilling van de drukte die ik achter me heb gelaten nog in mijn lijf resoneert. Deze reis, die de optelsom is van vele grote en kleine redenen, komt voor een deel voort uit de benauwdheid die ik daar wilde ontvluchten.

Emmelinde komt aan banjeren en ze ontdekt een mierennest onder een grote rode kei. Met al haar kracht probeert ze de steen om te rollen. ‘Zullen we hun huisje samen optillen om te kijken waar ze wonen?’ Haar kleine tengere vingertjes onder mijn warme hand tillen de zware kei samen op. ‘Wat zijn het er veel!’ Roept Em vol verwondering uit.

 

 

We zien honderden mieren in schijnbare chaos door- en over elkaar heen krioelen. Mijn gedachten zijn weer terug bij de drukte die we nog maar pas zelf hebben verlaten. Als iemand die grote kei boven onze maatschappij voorzichtig zou optillen en eronder zou kijken, zien ze dan dezelfde drukte, de chaos en de angst van ons huidige dagelijkse bestaan?

 

We leven in een te grote groep

De mieren zijn elk, stuk voor stuk, op hun eigen pad, maar ze vormen toch een eenheid. Elk miertje is een onderdeel van hun grote geheel. Ongeschreven regels vormen hun kompas. Er is geen enkel mier-individu dat de regels zat is en de kolonie verlaat, om zijn eigen weg in het leven te vinden. (Ik zou geen goede mier zijn ben ik bang, of heb ik gewoon niet de juiste kolonie gevonden?) De groep is voor de mier de vanzelfsprekendheid die wij allang verloren zijn in onze samenleving. Onze mensengroep is een niet te bedwingen massa geworden. Ooit (en dan heb ik het over een gigantische tijd geleden) waren onze mensengroepen niet groter dan 150 zielen. 

 

Een directe invloed op de ander

Elk lid voelde de vanzelfsprekende noodzaak om de ongeschreven sociale regels van de groep te volgen. Alleen door samenwerken kon je de uitdagingen van je dagelijkse bestaan aan. Zonder de bescherming en onze gezamenlijke denkkracht was het leven te gevaarlijk. Er was geen overheid nodig die wetten opstelde bij de nomadische bevolking van toen (circa ongeveer 1,8 miljoen jaar geleden tot 10.000 jaar geleden). Ieder lid van de groep kende elk ander lid. Elke actie van jou was als een rimpeling veroorzaakt door een steen gegooid in het stille water, alles wat jij doet heeft een direct gevolg op je omgeving. Een positief effect zal ontvangen worden met waardering, maar veroorzaak jij iets met je gedrag wat de groep als geheel benadeelt, dan zal je actie gevolgd worden door afkeuring. En dat gevoel, dat wil je niet. Je past je gedrag aan. Er zijn geen regels, van bovenaf opgelegd, nodig om de groep te controleren. Er is geen straf of beloning, buiten jezelf, nodig om jouw gedrag te beïnvloeden. Omdat jij intern gemotiveerd bent om deel uit te maken van de groep en je daar met heel je lijf en zijn mee verbonden bent, ben je (net zo vanzelfsprekend als bij de mieren) onderdeel van het grotere geheel, de groep. 

 

Nu kun jij zonder gevolgen online de ander 
een rotgevoel geven, zonder dat het effect 
hiervan op de ander jou, direct zal benadelen. 
We zijn los van elkaar 
en daarmee los van wie we in wezen zijn.

 

We zijn sociaal bedraad

In het overgrote deel van ons bestaan als mensheid, was de groep een natuurlijk vanzelfsprekend onderdeel van ons bestaan. En het is dan ook de fundering geworden van onze bedrading. Onze hersenen hebben zich gevormd in een sociale mal. Elk ingewikkelde schakeltje is onderdeel van het grotere geheel met als doel; Het kunnen aangaan van verbinding met de ander. Het deel uit kunnen maken van de groep, én het succesvol kunnen laten zijn van je eigen kleine samenleving door innovatie, creativiteit, aanpassingsvermogen en onze kracht; het kunnen samenwerken met de ander. Wetten en regels werden pas nodig op het moment dat de groep te groot werd voor de sociale samenhang waar ik eerder over sprak.

 

Weer denk ik aan de maatschappij waar ik me nu uit los probeer te maken. Is wat ik doe net zo tegennatuurlijk als die ene mier die zich losmaakt uit de groep waar die van afhankelijk is? In gedachten til ik nogmaals de kei op boven onze maatschappij en werp ik een nieuwsgierige blik. Wat zie ik?

We lopen allemaal in onze eigen richting en in tegenstelling tot de mierenkolonie is er geen hechte samenhang. Talloze kleine verzamelingen mensen die de worsteling voelen tussen enerzijds hun eigen behoeften en de greep van de wetgever aan de andere kant. Je moet dit, hoort dat te doen en dit is de lijn waarlangs je moet lopen. Mijn adem stokt bij het zien van de letterlijke strepen en pijlen op de grond, die al die minimensjes vertellen waar ze mogen lopen en welke richting ze moeten gaan.

 

Kleuters met een mondkap op

In Spanje ben ik nu, waar we slenterend door een wit schilderachtig dorpje op een bekend tafereel stuiten. Jonge kleuters die na een ochtend plezier worden opgehaald door hun ouders. Niet ouder dan vier zijn ze en er is geen kindje zonder mondkap op. Ik kan niet in hun hoofden kijken, of hun lijf voelen, maar niemand lijkt zich te willen verzetten, dit is nu hoe het gaat. Wat is er gebeurd met hun hart, wat ergens moet schreeuwen: ‘Geef mijn kinderen lucht om te leven, vrijheid om te spelen en de koppigheid om nee te zeggen tegen al deze waanzin!’

 

Jij maakt niet zoveel meer uit

We volgen, als onderdeel van onze massale maatschappij, de regels op van onze machthebbers. Mannen en vrouwen die we niet persoonlijk kennen en die ons, op hun beurt, helemaal niet kennen. We zijn niet persoonlijk met elkaar verbonden en toch bereikt de rimpeling van hun steen in het water ons direct. Terwijl onze invloed de andere kant op minimaal is. Nog steeds hebben we onze groep nodig, dat geheel van gelijkgestemden die samenwerken om een positief effect te hebben op hun omgeving. We hebben elkaar nodig om onze samenleving succesvol te beïnvloeden. Alleen is de groep zo oncontroleerbaar groot geworden en krijg jij niet meer het directe gevolg van jouw gedrag te voelen. Wat jij in je eentje denkt, doet en voelt maakt niet zoveel meer uit.

Ik kijk naar je, onder die kei, 
en ik zie dat jij je minder belangrijk voelt, 
niet gezien en erkend. 
Je loopt op je pad zonder een echte richting. 
En hoe pijnlijk dat eigenlijk is 
voor wie jij in wezen bent, 
dat voel je al een tijdje niet meer.

Jij volgt de regels omdat het nu eenmaal zo hoort. Je doet wat je gezegd wordt. Je hebt nu eenmaal geen andere keuze. Waarom een conflict aangaan waar je vooral alleen zelf last van gaat krijgen? Misschien voelt dit alles wel niet goed. Maar jouw gedrag heeft nu eenmaal niet genoeg effect om een echte verandering in de maatschappij te bewerkstelligen. Het is te groot.

Het maakt somber en machteloos. Als het zo onveranderbaar is en mijn eigen invloed zo klein, waarom neem ik dan zelfs maar de moeite om dit op te schrijven? 

Samen rimpelen

Ik ben op zoek naar een manier van leven waarbij ik de maximale invloed kan hebben op een kleine groep binnen het grote geheel. In mijn groep hoop ik ons gezamenlijke bewustzijn en onze kennis te vergroten. Zodat we in kleine kring weer kunnen ademen, veel verder dan tegen de directe begrenzing van het stof van een mondkapje. Samen vinden we een nieuwe vorm met vanzelfsprekende verbinding. Ik wil in mijn groep niet alleen zelf een rimpeling veroorzaken die jij voelt, maar ik wil ook zelf het directe effect van jouw gedrag voelen en er samen door groeien.

 

Voor nu is mijn groep vijf, vier mensen en een hond. Op dit moment kiezen wij ervoor om, binnen onze eigen mogelijkheden, zo ver mogelijk buiten de greep van de maatschappij te leven als we kunnen. Niet buiten zijn invloed als geheel, maar wel vrij genoeg om weer zelf te gaan voelen, onze eigen gedachten te kunnen vormen. Om de prestatieangst uit mijn zoon te halen zodat hij weer vrij kan gaan leren. De druk van dagelijks geld moeten verdienen om een hypotheek te betalen, van een lening die hoger is dan het huis waard is, loslaten. Om mijn peuter zich eerst te kunnen laten ontplooien tijdens de grootste hersengroeispurt van haar leven, voordat ze al te veel beïnvloed wordt door de rimpelingen van mensen die haar niet eens kennen. Zij mag eerst haar eigen volledige ik worden. 

 

Niemand zegt wie ik moet zijn

Ik maak een pas op de plaats omdat ik wil zijn wie ik ben, zonder dat iemand anders zegt hoe ik moet zijn. Ik ben benieuwd wie ik ben, wanneer ik onder al die lagen van anderen tevoorschijn kom.

Hier zitten in het gras vol bloemen, waar de stilte alleen maar wordt doorbroken door vogels en mijn vrij spelende kinderen, lijkt me een goed begin.

Opnieuw zwanger, nu van mijzelf. De conceptie heeft al plaatsgevonden en jullie mogen allemaal bij mijn geboorte zijn. Keep you posted!

 

Liefs Melanie

 

 

In mijn boek ‘Wat baby’s nodig hebben’ schrijf ik veel over hoe onze hersenen sociaal gevormd zijn en wat dat voor de ontwikkeling van jouw kind betekent. Wil je het boek bestellen? Dat kan hier, en op vele andere plekken online en in de boekhandel. Eerst meer lezen over het boek? Dat kan natuurlijk ook.  Ik schrijf meer over onze avonturen op Instagram, leuk als je me daar gaat volgen, of een reactie wilt achterlaten over dit artikel.

 

  • Deel via

Lees ook

Borstvoeding in de kraamweek

De kraamweek is een week waarin ontzettend veel gebeurt. Je bent net bevallen, je bent moeder geworden, je hebt de verantwoordelijkheid voor een nieuw leven, er is een kleine baby die je nog moet leren kennen, je zit vol hormonen […]

Wat zijn darmkrampjes eigenlijk en is er een opl...

Darmkrampjes kunnen de eerste maanden van het ouderschap doen veranderen van roze wolk naar donkergrijze donderbui. Je kindje met pijn zien, kan je wanhopig maken en niet te vergeten erg onzeker. Wat zijn darmkrampjes eigenlijk en is er een oplossing […]

Een overprikkelde baby

‘Is dit het nu?’   Een gillend hoopje ellende Daar zit je dan in het schemerdonker met een gillend hoopje ellende op je schoot. Hij spartelt in je armen en lijkt wel bezeten. Zweetdruppeltjes lopen over zijn gezichtje. Gierende halen […]